donderdag 3 december 2009

Welcome to the club

Op Cane Island is het, naar onze begrippen, een drukte van belang. Het is inmiddels een echte gated community geworden. Er was altijd al een gate, maar die stond gewoon de hele dag open. De poort is gesloten. Nu wordt je verzocht om langzaam tot aan de poort op te rijden en….sesam opent zich. Dat geeft pas een veilig gevoel……

De appartementen worden nu ook voor permanente lease aangeboden, als ik de borden en posters mag geloven, woon je hier bijna voor niets of zoals de Hagenees zegt, voor een scheet en drie knikkers. Dit trekt wel een ander publiek aan dan toeristen. Je zoiet nu wat meer krakkemikkige autos op het terrein, er lopen mensen met hondjes en het is wat rumoeriger in ons portiek. Zo hebben wij een buurman die erg trots is op zijn geluidsinstallatie. Het moet wel een aardige vent zijn, die zijn geluk graag met anderen ddelt want hij zet expres de balkondeur open om ook anderen het in genot van zijn apparatuur te laten delen. Buiten hoor je het goed, eenmaal binnen hoor ik er niets meer van.

Dan is er ook nog buurman Johnny Guitar Watson. Hij heeft in ieder geval een gitaar en een behoorlijke versterker. Spelen kan hij niet, maar hij probeert het tenminste. Live muziek on the propertie, altijd gezellig! Hij probeert volgens mij het loopje van Smoke on the water van Deep Purple te spelen maar brent er niets van terecht. Die zoekt wel een andere hobby, als het maar geen drumstel wordt.

Hoe mooi de appartementen hier ook zijn, wij houden, voor het geval de toestand hier verslechterd, onze ogen en oren goed open voor nieuwe opportunities.

In het voorjaar staat de volgende reis gepland. Gezien het vrij grote aantal  bezoeken aan Disney in verband met de artiesten die tijdens de Kerstshows en het Flower and Garden Festival op zullen treden, zijn wij vandaag toegetreden to de eliteclub van Annual Pasaport Members. Het castmember dat ons vandaag de tickets verkocht vroeg wel drie keer of wij toch echt een annual pass wilden kopen. Maar toen hij door kreeg dat wij precies wisten wat we wilden, was het zaakje zo gepiept en werden wij hartelijk welkom geheten in de familie van Annual Passport Members.

Om dat te vieren marcheerden wij schielijk naar de Earl of Sandwich om een broodje te kopen. Meer mensen waren op- dit idee gekomen dus besloten wij om dan toch maar terug te lopen naar de Mac waar wij kennismaakten met de nieuwe Angus thirdpounder. Het betere werk zullen we maar zeggen en omdat wij slechts een lichte lunch in gedachten hadden, hebben wij deze joekel maar gedeeld.

Vervolgens flux met de Ford Flex naar de Walmart voor de dagelijkse boodschapjes. Wij vonden gelukkig de Cubaanse broodjes weer; vijf minuutjes in de oven op 375 graden en smullen maar meneertje, morgenochtend. Bacon bakken, eitje in de pan, handje gemalen kaas erover en een tomaatje voor de gezond, zullen we maar zeggen. Voor bij de koffie kozen wij deze keer voor peanut butter fudge. Kan je je geen buil aan vallen en voor de zoetekauwen een echte aanrader.

In de middag even achter de mini. Ik vond een onbeschermd mobiel netwerk. Het signaal is low, de snelheid nog lager maar het werkt. Dus ook maar even bij Motorola de driver voor het modem opgeduikeld en gedownload. Nog steeds wil het kreng niet met de modem praten, maar we kunnen even vooruit. Zolang de mobiele onderdakverlener hier in de buurt blijft.

Na de Sirloin steak en de Lemon trout bij Cracker Barrel trokken wij naar Celebration om de plaatsrelijke sneeuwbuien te doorstaan. De plaatselijk middenstand had de winkelstraat opgeleukt, de terassen waren vol en de winkels leeg…althans er waren geen kopende klanten. Het treintje dat je door de verlichte straatjes van Celebration voerde en de pittoreske paard en wagens reden af en aan. Als geboren Hagenaar weet ik dat de paarden, zodra ze een koets in beweging moeten zetten, onmiddelijk gebruik maken van de permanente vergunning om op straat te schijten. Onschuldige Hagenaars banjeren, nadat de koningin met haar gevolg door de Haagse dreven heeft gereden net zo lang door de paardenmest tot deze geheel in de schoenzolen is verdwenen. Angstig betrad ik het parcours dat door de Celebrationpaarden werd gelopen. Geen vuiltje aan de schoen, daar kan onze koniklijke familie nog een puntje aan zuigen. En Sinterklaas ook, want wat de schimmel Amerigo dit jaar weer in de stad heeft achtergelaten lag lekker op het midden van het voetgangersgebied en beslist niet in een of andere hoek.

Nu we het toch over Sinterklaas hebben, ik let er nu wat beter op en ik krijg toch sterk de indruk dat Sinterklaas hier echt wat meer bekendheid aan het krijgen is. Hoog tijd dat de hegemonie van de Kerstman eindelijk een halt wordt toegeroepen. Hohoho… Uit betrouwbare bron heb ik vernomen dat de Sint ernstig overweegt zich permanent in Florida te vestigen. Spanje is toch al een beetje te toeristisch voor hem geworden en sinds de afschaffing van de peseta is hij op zoek naar een land met zwakke valuta. Turkije zou voor de hand liggen, maar gezien de koers van de dollar zou het best eens kunnen zijn dat hij voor de sunshine state kiest. Welcome to the club, Sinterklaas!

PICT0018

 

Hoewel het hier nu een partijtje begint te onweren en er een tornadowatch voor de regio is afgegeven, zit de stemming er in huize Teleton tot nu toe prima in. En wanneer er niets verandert, blijft dat zeker zo.

woensdag 2 december 2009

Zo heerlijk rustig, ja, ja……

In Washington liepen we wat vertraging op. “ Give or take, ten minutes” maakte de baliemedewerker ons wijs en het werd een uur. Naast ons was het vliegtuig naar LA vijf minuten eerder dan gepland vertrokken. Hijgende reizigers die hierdoor hun aansluiting misten, zorgden voor een aantrekklijk tijdverdrijf.

De vlucht naar Orlando verliep probleemloos en toen we bij de carroussel aankwamen, hobbelden onze drie koffers  ons al tegemoet. Voor het eerst sinds jaren liepen we samen naar de Alamo counter. De medewerker stond in de Holiday-mode. “U wilt zeker geen upgrade?” Geeft u mij dan uw creditcard maar en uw rijbewijs. Binnen een paar minuten waren we op weg naar de overkant om onze Equinox te halen. We meldden ons, volgens de instructies, bij de peoplegreeter die ons naar de rij SUV’s bracht. Er was een flink aanbod Jeeps, Toyota’s, Nissans en Kia’s. Wij gingen voor de Nissan vanwege de treeplankjes. We laadden de koffers in, stelden de spiegels af en de Tomtom in en draaiden de contactsleutel om. Service soon……We besloten de spullen even in de Nissan te laten en controleerde de volgende. Service soon….. De Toyota RAV 4 dan? Deze viel toch wel klein uit en toen werd er een zwarte Ford Flex binnengereden. Bingo, leren bekleding, 7 zitplaatsen, electrisch bedienbare stoelen en een antenne voor de tulp. Dit was ‘m!

Wat een bakbeest. En wat een feest om in te rijden. De enveloppe opgehaald bij hotelbeds, de boodschapjes gedaan bij de Publix en toen op weg naar Cane Island. De sleutel zat in het kastje en we troffen een prima appartement met twee slaapkamers, twee flatscreens en twee badkamers. Een internetaansluiting is provided, het balkon ligt op het noorden en we kijken op de vijver en het zwembad. Een portiek verder ontdekten we de Ford van Pieter en Petra, dank zij de lintjes. Theo en Cynthia zitten daar ook.

Omdat er een koufrontje nadert, besloten we gisteren meteen van het warme weer te profiteren, Nadat we heerlijk hadden geslapen en de koffers haden uitgepakt, trokken we een middagje naar Seaworld. Het was er heerlijk rustig. En zo hebben wij het graag. Je begrijpt dat de vakantiestemming er hier in huize Teleton weer lekker inzit en als er niets verandert, dan blijft dat zo!

To serve and protect

Na een uur of zes vliegen waren John en zijn moeder in opperste staat van paraatheid. Moeder sprak Jonh nu aan met Jonathan . De commando’s werden korter: Stop, sit, be still……. Verblind door moederliefde schonk zij alle aandacht aan de baby en bleef ze volwassen gedrag van haar zoon eisen. De jongen was kansloos tegen zijn moeder, maar hij bleef het proberen. “ You’re really going to regret this Mum” klonk het meerdere malen en ik vroeg me af van wie hij deze taal had geleerd. Na weer een smekend commando van Mum klonk het “ You are really going to pay for this Mum”. Ik wist dat het nu oorlog was.

Jonathan begon, in een uiterste poging om aandacht van zijn moeder te krijgen, hetzelfde gedrag als zijn zusje te vertonen. In plaats van te praten begon hij te brabbelen. Net als de baby maakte hij huilgeluidjes om de aandacht op zich te vestigen. Het was hartverscheurend. Ik ben erg van de liedjes, dus flitste de tekst uit Military Madness van Graham Nash door mijn hoofd: The army had my father, and my mother was having me….Military madness, was killing our country, so much sadness, comes over me…….

Arme Jonathan. Hij pakte de rammelaar van zijn zusje en begon een lange sambasessie. Moeder reageerde niet meer. Steeds harder sloeg de jongen met de sambabal en hij ontdekte dat er nog meer herrie ontstond als hij op de tafeltjes sloeg. Helaas voor ons, zitten deze aan onze stoel vast. En hier raakten wij ongewild betrokken bij dit drama. Moeder pakte de rammelaar af. Geen nood, dacht Jonathan en vervolgde de drumsessie op het tafeltje met zijn handen. Het duurde en duurde. Moeder reageerde niet en ik wist dat Jonathan niet meer zou stoppen voor hij eindelijk aandacht kreeg…..Het was voor hem er op of er onder.

Goede raad was duur. Een vredesmissie was zinloos. Wij Europeanen weten dat je je maar beter niet met buitenlandse aangelegenheden kunt bemoeien. Tevergeefs wachtte ik nog een poosje tot de stewardessen een onderhandelingspoging zouden starten. Zij keken wel linker uit en ….de andere kant op. Toen vond ik het tijd om eens op te staan om te zien wat er nu precies allemaal aan de hand was. Moeder lag  met de ogen gesloten schuin in haar stoel, haar arm waarop het hoofdje van de baby rustte, stak half in het gangpad. Zij had zich nu letterlijk van haar zoon afgekeerd. Jonathan ging als een wildeman tekeer en sloeg met de vlakke handen op het tafeltje en schopte tegen de wand van het vliegtuig. Hij merkte mij wel op, maar leek me niet te zien.

Ik schraapte mijn keel en sprak de moeder aan. “Excuse me….” Ik hurkte in het gangpad zodat ik zo zacht mogelijk met haar kon praten en ik haar bovendien recht in de ogen kon kijken. Ik vertelde dat ik begreep dat het lastig is om zo’n reis met twee kinderen te maken. Het is begrijpelijk is dat kinderen zich gaan vervelen en dat ze een beetje herrie maken. Mijn punt is dat er grenzen zijn en dat de moeder die moet aangeven. Dus mevrouw, wat gaat u de komende uren doen om er voor te zorgen dat uw zoon een beetje rustig blijft en in ieder geval onze stoel niet meer als drumstel zal gebruiken?

De jonge Gene Krupa was gestopt met herrie maken en luisterde naar het gesprek.  Moeder ontplofte bijna. Hoe ik het in mijn hoofd haalde...,Ik had toch zeker wel gehoord dat zij de jongen de hele reis had gecorrigeerd? Zij kon er dus verder niks aan doen.  “Nou mevrouw” , sputterde ik tegen, “er zijn meer kinderen aan boord en die ouders lukt het wel om ze zoet te houden”. Moeder speelde haar troefkaart uit. “Maar de andere kinderen hadden vast en zeker geen pddn”. Of ik wel wist hoe erg dat was en zij was nu moe en wilde alleen maar dat de vliegreis voorbij was.

Ik besloot om niet verder in discussie te gaan nadat ik mijn punt had gemaakt. Het was ondertussen in de naaste omgeving angstig stil geworden. Niemand wilde bij het conflict betrokken raken. Ik realiseerde me dat ik het risico liep dat de meute zich tegen mij zou keren.

Ik stond op. De jongen leunde achterover in zijn stoel en leek langs mij heen te kijken. Ik maakte toch het bekende shhhh gebaar met de wijsvinger op de lippen en gaf hem een  knipoog  en twee thumbs up voor ik weer ging zitten.

De rest van de reis heeft hij zo af en toe nog wel een riedeltje op zijn sambabal gespeeld maar hij was absoluut niet meer zo onhandelbaar en luidruchtig. Mum ging hem weer John noemen en was eindelijk gestopt met hem constant te corrigeren. Goed zo Mum, dacht ik, nu nog af een toe eens een welgemeend compliment, daar zal het ventje van opknappen.

Over pddn en aanverwante afwijkingen die onder het autismespectrum vallen, kan ik vanuit zeer nabije ervaring wel een beetje meepraten. Ik snap de moedeloosheid van de ouders en de eenzaamheid van het kind veel beter dan Mum vermoedde. Maar dat wil niet zeggen dat ik me maar alles van een eenzaam klein ventje  en een machteloze, moedeloze moeder aan hoef te laten leunen.

Bij aankomst in Washington vroeg de stewardess of we soms even wilden applaudisseren voor “onze jongens” die op deze vlucht aan boord waren. Al “onze jongens”  vlogen in burger, behalve Jonathan. Die had van zijn ouders een camouflagepak  aan gekregen. De tekst “Little soldier” zou moeten helpen om van hem een flinke jongen te maken. Ik zou zeggen, geef hem een witte jas en een stethoscoop, dan kan hij op een constructieve en vreedzame manier inhoud geven aan de slogan “To serve and protect” .

dinsdag 1 december 2009

Over poepluiers en natte broeken

John is met zijn moeder en zijn kleine zusje Stephany op weg naar huis. Ze wonen in Amerika. Daddy is in Brussel achtergebleven. He’s in the military. Wij weten dat omdat we achter hen stonden bij het inchecken. John is zo verdrietig dat hij zijn verhaal bij de securitymanager op Zaventem vertelt en wij luistern ongewild mee. Het ventje is gekleed in een mini militair uniform, op zijn rug staat: Little Soldier.  Hier worden wij droevig van. Eenmaal in het vliegtuig blijken ze achter ons te zitten. John is een jaar of vijf, zijn zusje  zuigeling en Mum is op van de zenuwen,

Ze zitten met zijn drietjes op twee stoelen, economy plus, dat dan gelukkig wel, maar het past niet. Mum moppert op Grandad die de verkeerde stoelen heeft gereserveerd en op Dad die het gezin alleen op reis laat gaan. John doet zijn best om Mum behulpzaam te zijn, maar het lukt hem niet zo goed, logisch als je vijf bent. Dit komt hem om de anderhalve minuut op een reprimande te staan. “ Stop that, John”. Wat hij precies moet stoppen is ons niet duidelijk omdat wij gelukkig geen ogen in ons achterhoofd hebben. “ Stop that, John”, klinkt het weer, maar op een toon die je wel in films hoort waarin overrijpe meisjes dat tegen hun vriendje zuchten als ze voor het eerst tussen de lakens terecht komen. Logisch dat John gewoon doorgaat met wat hij niet zou moeten doen.

Tijd voor een schone luier. “ Oh Mum, that’s disgusting”, rapporteert John. Wij geloven hem graag, de luchtbehandeling in een 777 mag dan een beetje rumoer maken maar het werkt prima….. Moeder maakt er wanhopig kreunende geluidjes bij en moddert maar wat aan in de beperkte ruimte. “ Oh my gosh, oh, my goodness, you’re a stinky baby….” kirt ze, net zo lang tot het kennelijk gelukt is de baby te verschonen. Baby zet het op een brullen. “ Yes I know”, kraait moeder en wij moeten aan Sybil Fawlty denken, vooral als ze deze zin een keer of twintig herhaalt. Mum prepareert een flessje van water en poeder dat Dad plichtsgetrouw bij de security had aangemeld. Baby moduleert en probeert of ze de hoge C al kan halen. “Yes I know” roept Mum en schakelt over op de koetsjiekoetsjietaal.  Dit alles gaat met het nodige gebonk tegen onze rugleuningen gepaard, dus wij zijn ook blij dat de klus is geklaard. Hopelijk wordt het weer even rustig. Dat had je gedacht. John vraagt nu om de tien minuten hoe ver het nog is naar Washington. Mum wil er liever niet aan herinnerd worden en verzucht dat het nog een very long time flying is. Wij geloven haar.

Jonh krijgt een aanval van liefde en gaat luidkeels slaapliedjes voor zijn zusje zingen. Mum zingt ontroerend vals mee. Kennelijk dreigt de baby in slaap te vallen en in plaats van de natuur zijn gang te laten gaan, begint Mum weer klikkende geluidjes te maken. Nou ja geluidjes, Flipper is er niks bij. “ Stop that, John”. klinkt het achter ons en de baby kraait het uit van plezier. Zoud hij haar in de lucht gooien? Even is het stil.

De vlucht verloopt verder vrij smoothly. Tijd om even de benen te strekken en even te controleren of ik nog een jongetje ben. Tijdens de plas belanden we in een flinke luchtzak hetgeen het richten niet ten goede komt. De broek blijft gelukkig gespaard, de bril dient even te worden afgenomen.

Ik neem weer plaats. John wordt nu per halve minuut gecorrigeerd: “ Stop that, John”.  Eigenlkijk is nog steeds niet duidelijk wat er nu precies moet stoppen, maar Mum heeft de handen vol aan de baby en schenkt nauwelijks aandacht aan John. Die gaandeweg steeds recalcitranter begint te worden. Mum dreigt zijn gedrag aan zijn vader te rapporteren.Dat helpt want John is nu al een kwartiertje rustig. Hij staat ons nu een dan aandachtig in het gangpad te bestuderen terwijl Mum de zoveelste luier verschoont. Wij voelen ons bekeken maar zoeken verder geen contact. Dit zou nu een mooi moent vvor moeder zijn: “stop that, John. Maar ze laat hem ongemoeid nar ons staren. Vader kan in dit jonge gezin niet gemist worden. Of Dad nu op het NAVO hoofdkwartier in Brussel rapporten uitwerkt, of dat hij uitgezonden wordt naar een ver een stoffig land, maakt ons helemaal niks uit. Mijn mening over de military is onveranderd: Afschaffen die hap. Er komt niets dan ellende van.

wordt vervolgd.

Ibis is wat Ibis is; Ibis is Ibis

De zondag voor vertrek verloopt zoals gebruikelijk rustig. Alle telefoontjes zijn afgehandeld, dus wij pakken ongestoord de koffers in. We eten thuis nog warm en rijden binnen een uurtje naar Brussel. TomTom zet ons zonder problemen bij het Ibis hotel af en we parkeren de auto recht tegenover de halte van de shuttlebus. Zoals bekend hou ik van mijn gemak, dus laten we de koffers voor Orlando lekker in de auto.

BILD0586

Een klein koffertje met de benodigdheden voor de overnachting gaat mee naar boven. Daar kunnen morgen op Zaventem ook onze jacks nog in. Verder hebben we ieder een rijdende rugzak als handbagage.

BILD0585

Ibis is wat Ibis is; Ibis is Ibis. Eenvoudig maar doeltreffend. Het bed was hard maar zeker niet onprettig. Voor een airporthotel was het erg rustig, het gezellige gebrom van de de vliegtuigen waar we bij van der Valk wel van kunnen genieten, ontbreekt hier volledig. Verder was de kamer schoon hoewel we nu weten dat het kamermeisje de boel met de handdoeken af schijnt te nemen. Althans, zo verklaren wij het fenomeen van de op het plafond aanwezige schaamharen van, zo op het eerste gezicht, mediterrane afkomst. BILD0590

De volgende ochtend eten we de meegebrachte krentenbol op en nemen we de shuttlebus van even voor half negen. We rijden langs een wirwar van weggetjes naar Zaventem. Eenmaal langs de slagbomen maakt de chauffeur de gebruikelijke backlottoer over het luchthaventerrein. Wat een armoedige toestand hier, sorry Belgische lezers. Maar ja, jullie hebben weer het voorzitterschap van Europa in de wacht gesleept….We weten nu dat er, op wat scherpe hobbels en diepe kuilen na, geen speciale verrassingen te verwachten zijn maar zijn toch blij als we bij de aankomsthal arriveren. Qua milieu hoe je niet in Brussel te zijn, het busstation roept herinneringen op aan onze busstatios van twintig jaar geleden, heerlijk die dieseldampen.

Het inchecken begint na negenen, dus worden wij gevraagd om ons in een rij op te stellen in afwachting van de securitycheck. Omdat wij al ingechecked zijn, mogen wij vooraan in de bagdrop rij gaan staan. De controle begint. Na verloop van tijd komt een van de mannen van de veiligheidsdienst ons vragen wat wij daar staan te doen. Awel, leggen wij uit…. Ja, maar dat was niet de bedoeling….Even vreesden wij dat we achter in de inmiddels aangegroeide rij mochten aansluiten. Dat viel mee. Voor ons was een Nederlands stel van vier personen die bij het inchecken voor nogal wat oponthoud zorgden. Misschien kwam het doordat er drie hun rollator mee wilden nemen, wij weten het niet. Het schoot in ieder geval niet erg op. 

Uiteindelijk werden wij, tussen de bedrijven door, door de juffrouw van de eerste klasse in drie minuten ingecheckt.

Gewapend met onze twee mobiele rugzakken slenterden wij naar de volgende hobbel. De security check. Met alle zakken leeg en een afzakkende broek wegens het ontbreken van de broodnodige riem stapte ik zelfverzekerd op de controle poort af. Luid piepend kwam er een eind aan mijn zelfbewuste houding.

Brussel is maar een klein vliegveld. Wanneer er een vent van bijna 2 meter gevraagd wordt om zich met de armen wijd en de benen in spreidstand te laten fouileren, kan er geen hond meer door. Kleine Jappanners probeerden onder mijn armen door te duiken, maar toen ik ze, op commando naar beneden deed om mijn schouders en nek te laten controleren, had ik toch bijna twee dames uit het land van de rijzende zon onthoofd.

Eenmaal in de vertrekhal smaakte het ontbijt van broodjes en koffie uitstekend. Wij kuierden op ons gemakje naar onze gate waar wij stipt op tijd vertrokken. Onthoud het vrienden van de Floridavakantie, als je met een 777 vliegt; rij 21 stoel H en J. De vrolijke vakantievoeten, van Ton en Lidy.

BILD0596

 

zaterdag 28 november 2009

All my bags are packed, I’m ready to go…..

Aangestoken door de mooie verhalen van Pieter, Petra, Theo en Cynthia die inmiddels al op Cane Island zijn aangekomen, staan wij inmiddels ook aardig in de afreismode. “I’m leaving on a jetplane” zingt het in mijn hoofd en mijn liefje vliegt met mij mee. Wat wil je nog meer?

Onze ‘voorgangers’ hebben nogal wat moeite moeten doen om het appartement binnen te komen omdat er problemen met de sleutelkluisjes of sleutels waren. Beiden meldden dat ze geholpen werden door een medewerker van security. Wij vinden het prima om te horen dat er nu kennelijk  iemand ‘s avond surveilleert. Uiteindelijk hebben ze, in mijn ogen, de hoofdprijs met een driekamercondo met uitzicht op het zwembad en de vijver.

De voorbereidingen gaan er bij ons rustig aan toe. Wij hoeven vandaag geen Sinterklaasinkopen te doen, hoeven ook de werkmails niet meer af te melden en de kleine voorbereidende klusjes zijn gebeurd, dus hebben we alle tijd om de laatste stofzuiger door het huis en een borstel door de pot te slingeren. Morgen nog een klein swiffertje voor de frissigheid, voor we in de loop van de middag naar Brussel afreizen, want moeder de vrouw laat de boel graag proper achter….. Straks mogen de twee koffers naar beneden komen die we morgenochtend zullen vullen. Da’s wel wat anders dan de woeste berichten over de gezonde vakantiestress bij Forumlid Chanti and company, maar die reizen ook nog eens met een peutertje.

Nu aan vrijwel alle formaliteiten is voldaan, is het wachten nog op het inchecken bij United maar dat kan pas 24 uur voor vertrek. Voor de onderhandelingen met onze vrienden van Alamo zijn we tot de tanden toe gewapend. Wij reizen met een verklaring van de dokter waarin staat dat wij allergisch zijn voor het merk Kia, dus ons kan niets gebeuren.

Vanavond wacht ons nog een (hopelijk) leuke voorstelling in de schouwburg van Alex Klaassen. De kerstkaarten zijn geschreven, de tuin is winterklaar, de gastank van onze koffiekleurige Franse dame is gevuld en de beurzen zijn afgeladen met Amerikaanse muntjes en biljetjes. Nooit vergeet ik immers meer die keer dat ik, na een stief halfuurtje hongerig wachten in een lange rij op het vliegveld van Chicago een burger bij de Mac bestelde en de man een vies gezicht trok toen ik met mijn slaperige hoofd met euro’s betaalde…..Dat zal ons in ieder geval niet meer gebeuren. Rest mij nog een verzoekje voor de trouwe lezers; vanaf 6 december is het, om in de stemming te komen, het verplicht om tijdens het lezen van het blog naar de muziek van Andy Williams te luisteren. Tot die tijd voert Sinterklaas op dit blog de boventoon….o, kom er eens kijken wat we nu weer allemaal meemaken!

Tulp met Sinterklaas

De stemming zit er, zoals gebruikelijk vlak voor de vakantie, goed in in huize Teleton. Wanneer er niets verandert, zal dat ongetwijfeld zo blijven. Wij houden jullie op de hoogte!

dinsdag 17 november 2009

Dovemansoren

Gespannen betraden wij het plaatselijke hospitaal. Binnengekomen zochten we tevergeefs naar een fast pass. Geduldig namen we dus maar plaats in de wachtruimte, tot de assistente onze naam afriep. Schielijk legden we beduimelde Story en Panorama met de kerstfoto’s van de Koninklijke familie uit 2006 weg, stonden op en liepen met 2 opgestoken vingers richting de assistente. Zonder de vraag af te wachten, mompelde ik dat we met zijn tweetjes onze opwachting bij de chirurg wilden maken. In plaats van “Row two” zei ze echter: “Komt u maar mee naar kamer twee”. Toch zou ze als castmember bij It’s a small World geen gek figuur zou slaan. Ze had een warme glimlach.

“Doet u de jas maar uit en neem maar plaats op de onderzoekstafel, de dokter komt zo bij u”. Dat viel mee, tot nu toe tenminste. Zij verliet de kamer, ons vol spanning achterlatend. Wat bespreek je met elkaar in een onderzoekskamer? En wat als je daar ruim een kwartier moet wachten? Wij snakten naar de Story en de Panorama, desnoods uit 2004. Voetstappen op de gang. Zou dat de dokter….? Ze gingen voorbij, telkens weer. Onze dokter droeg kennelijk bordeelsluipers want, als donderslag bij heldere hemel, stormde hij de kamer binnen.

Ik begrijp best dat de dokter geen tijd heeft voor een uitgebreid rondje voorstellen van de gespreksdeelnemers. Maar deze dokter hield helemaal niet van plichtplegingen, zette zich achter de computer en sprak, zonder zich om te draaien tot mijn vrouw: “Zegt u het maar”. Het bleef angstig stil, zij is namelijk ooit na een narcose hardhorend (zeg maar gerust doof) wakker geworden. Zij wachtte rustig tot de dokter zich tot haar zou wenden.

Natuurlijk ben ik gewend om mijn vrouw waar nodig te helpen. Je moet hier wel mee uitkijken, slechthorende mensen zijn immers niet op hun achterhoofd gevallen. Met een beetje moeite kan je goed met ze communiceren. Ik wees de dokter op de handicap van mijn vrouw. Hij knikte begrijpend en richtte zich bij de verdere vragen tot mij. Hij nam nog net de moeite om haar, in plaats van mij, lichamelijk te onderzoeken.

Na het onderzoek kwamen de dokter en ik tot de conclusie dat een operatie onvermijdelijk was. “Gelijk na de vakantie dan maar?” Kijk da’s nou weer een voordeel van een dokter die van opschieten houdt. “Nou, vooruit dan maar”, slikte ik. Nog even snel aan mijn vrouw gevraagd of zij er ook mee instemde. Formeel moest de dokter toen nog wel even de mogelijke complicaties van zo’n ingreep met mij doornemen. Net zoals een leuke vakantie plotseling in een nachtmerrie kan veranderen doordat het vliegtuig neerstort, zo zijn er bij zo’n operatie ook van die kleinigheidjes die er toe kunnen leiden dat je je nog eens achter het oor krabt voor je je galblaas laat verwijderen. Statistisch blijkt vliegen de veiligste vorm van vervoer en als je ooit geopereerd moet worden, dan hoop ik voor je dat het aan de galblaas is, want statistisch loop je dan weinig risico. We kregen toch nog vier boekjes mee waarin alle mogelijk rampspoed nog eens gedetailleerd beschreven staat.

Inmiddels hebben we een kennismakingsrondje door het ziekenhuis gemaakt. Bloedprikken, een hartfilmpje, gesprekje bij de narcotiseur (en nu geen foutjes meer hè vriend,…dooF is al erg genoeg) en tot slot naar opname. Alles is in kannen en kruiken, we kunnen, al is het dan met een blaas vol stenen, eerst met vakantie en dat was nu eens niet tegen dovemansoren gezegd!

vrijdag 13 november 2009

How many?

Zo’n paar weken voor de vakantie slaat bij ons meestal de meligheid toe. In de regel houdt dit aan tot we in het vliegtuig zitten, de veiligheidsriemen los mogen en de één belangstellend aan de ander vraagt of hij/zij de bietjes toch wel heeft afgezet. Gek, maar je gaat dan toch twijfelen.....

Verder tellen we af; nog drie keer de vuilnisbak buiten zetten, nog één keer naar de pedicure/kapper/schoonheidspecialiste, drie keer de bedden verschonen, of twee keer Marc Marie in de rimboe kijken en we zitten in Florida. Overal waar we binnenstappen zoeken onze ogen al naar de castmember die belangstellend vraagt: “How many?” En omdat er hier bij de bloemist, in de schouwburg, bij de polikliniek en zelfs in het restaurant geen castmember te zien is, stellen we ons de dan vraag zelf maar. Zo ziet men ons gniffelend door onze woonplaats gaan.

Bij het boodschappen doen wordt al rekening gehouden met de uiterste houdbaarheidsdatum van de fijne vleeswaren en heel stiekem kijken we ook dagelijks even wat voor weer het in Orlando is. We schreeuwen het niet van de daken, maar de koers van de dollar stemt momenteel zeer tot tevredenheid.

Omdat Mrs. Teleton chronisch nierpatiënt is en er nogal wat medicijnen nodig zijn om de natuur ook tijdens de vakantie te ondersteunen, is het tijdig bestellen van de medicijnen ook een vast ritueel. Ook al ben je vaste klant bij dokter en apotheker, het kost iedere keer toch weer wat overtuigingskracht om de voorraad medicijnen wat eerder aangevuld te krijgen dan bij hen in de computer staat. “Hoeveel tabletjes heeft u dan nog mevrouw?”, klinkt het door de telefoon. Ha, denken wij, eindelijk, How many? En wij vermaken ons kostelijk terwijl we geduldig uitleggen dat we twee weekjes naar Florida gaan. “Vakantie naar Florida, zo, zo, dat verandert de zaak, dat zou de dokter zelf ook wel willen, maar ja druk, druk druk, projecten, Mexicaanse griep en Q-koorts, begrijpt u?” Wij begrijpen het en hangen tevreden op, nadat we voldoende pilletjes, tabletjes, capsules, spuiten en naalden hebben losgepeuterd.

Ook alle noodzakelijke onderzoeken en testjes zijn op de geplande reis afgestemd. En zo kwam het dat we deze week uitvonden dat Mrs. Teleton aan cholelithiasis lijdt. In gewoon Nederlands betekent dit dat ze één of meer vervelende galstenen meesjouwt. Hoewel één op de tien medelanders zich in het bezit van galstenen mag verheugen, meestal zonder dat hij/zij zich hiervan bewust is, mag zij zich voor vertrek toch nog even bij de chirurg melden.

Dat wordt dus nog even spannend. Voorlopig gaan we er nog wel van uit dat we toestemming krijgen om af te reizen. Eenmaal aan het idee gewend, slaat de meligheid weer toe. Want, zo vragen wij ons af, hoe smokkelen wij de stenen de grens over? Ik zie het interview op Zaventem al helemaal voor me. In sappig Vlaams of met een Frans accent, krijgen de vragen voor onze Hollandsche oren toch al een lollige lading: “Zijn het uw eigen stenen, mevrouw? En heeft u ze zelf ingepakt? Zijn de stenen onlangs gerepareerd of anderszins in het bezit van anderen geweest? Bent u de stenen onlangs nog uit het oog verloren?”

Mrs. Teleton ziet er de lol niet van in. Zij heeft, los van de vraag of ze wel met deze bagage mag reizen, straks maar één prangende vraag voor de chirurg: "How many.....?"

donderdag 30 juli 2009

Opgebaard

Met nog precies 4 maanden te gaan voor wij het Sinterklaasfeest in Florida gaan vieren, zijn alle voorbereidingen getroffen.

In juni hadden we vrijwel onmiddellijk na thuiskomst de tickets voor de vlucht al weer geboekt. Voor 327 euro per persoon konden we de aanbieding niet laten schieten. We zijn inmiddels vaste klant bij onze Belze vrienden van Connections. Vanwege deze spotgoedkope aanbieding schoot er nog geld over om de economy plussstoelen voor de vluchten over de grote plas maar direct bij United vast te leggen.

Voor onze verblijfplaats hebben we getwijfeld tussen een voordelig hotel of een condo/townhouse. Nadat we alle plussen en minnen bij elkaar hadden opgeteld en het resultaat hadden gedeeld door de Kerstman, kozen we toch voor Cane Island. De particuliere verhuurders waren met hun offertes tenminste meer dan 125 euro duurder dan de grote aanbieders hier in Nederland. Dat vonden wij toch te veel geld voor de zekerheid van Internet. Uiteindelijk kwamen de vrienden van USAfunvacations met de beste aanbieding uit de bus, op de tweede plaats eindigde American Estates die toch ruim 45 euro meer voor deze appartementen rekenden. Voor dat bedrag zijn wij vreemd gegaan, sorry Hans. "Alle kleine beetjes helpen", zei oma en ze pieste in de zee.........

De Equinox (or similar....) komt gewoon weer van die Deutsche Leute und Alamo. Zodra die Winterpreisen für die Winterreisen bekend waren, hebben we geboekt.

Deze reis gaan we met de eigen auto naar Brussel. De parkeerkosten bedragen 15 euro voor de gehele periode, in combinatie met een overnachting van 60 euro bij het Ibis hotel. Toen ik nog voor mijn werk door de Benelux reisde, werden de overnachtingen ook regelmatig bij het Ibis geboekt. Ons bedrijf smeet het geld niet over de balk. De bedden van Ibis deden mij altijd aan katafalken denken. Voor degenen die het woord niet kennen; een katafalk is een verhoging waar een doodskist wordt opgezet. Hier komt bij ons in de familie de uitdrukking vandaan dat we bij Ibis opgebaard liggen, als we daar slapen.

Wij hebben dus, op onze overnachting bij Ibis na misschien, een verschrikkelijk fijn vooruitzicht op een fantastisch verblijf in Florida dat er daadwerkelijk voor zorgt dat de stemming in Huize Teleton opperbest is. Wanneer er niets verandert, zal dit ongetwijfeld zo blijven.........